Ondersteuning van vso-leerlingen
De Maurice Maeterlinckschool biedt voortgezet speciaal onderwijs aan leerlingen met een lichamelijke en/of meervoudige beperking en/of langdurig zieke leerlingen die beschikken over een toelaatbaarheidsverklaring cluster 3 (LG/MG/LZ). De meeste leerlingen volgen leerroute 2 tot en met 6 en krijgen onderwijs in kleine klassen van gemiddeld 8 tot 12 leerlingen. Iedere groep wordt begeleid door een leerkracht/onderwijs-begeleider en een onderwijsassistent.
Basisondersteuning
De basisondersteuning is afgestemd op onze doelgroep. Er is veel persoonlijke aandacht en een nauwe samenwerking met revalidatiecentrum Basalt, waarbinnen therapieën onder schooltijd plaatsvinden. De school is volledig aangepast aan de doelgroep, met rolstoeltoegankelijke ruimtes, aangepast sanitair en stiltehuisjes op de gang voor leerlingen die rust nodig hebben. In de klas werken we met methodieken als ‘Geef me de 5’ en LACCS. De onderwijsondersteuning is gebaseerd op het Landelijk Doelgroepenmodel.
Voor elke leerling stellen we een individueel ontwikkelingsperspectief (OPP) op, waarin de onderwijsdoelen en ondersteuningsbehoeften zijn vastgelegd. Dit plan bespreken en evalueren we jaarlijks met ouders. In het vso zijn leerlingen (deels) bij gesprekken aanwezig, om concreet inhoud te geven aan hun hoorrecht. Ook bij de transitiebesprekingen vanaf 16 jaar worden de leerlingen betrokken. Zij denken mee over hun toekomst en wat ze denken nodig te hebben.
Zo zorgen we dat iedere leerling optimale ondersteuning krijgt binnen de mogelijkheden van onze school. De methodes sluiten aan op het niveau van de leerling en er is extra materiaal beschikbaar bij taal- of rekenachterstanden.
Extra ondersteuning
Als de basisondersteuning niet voldoende is, kunnen we extra ondersteuning inzetten. Op school zijn diverse specialisten aanwezig, zoals een orthopedagoog/psycholoog, kindercoach, maatschappelijk werker en verpleegkundige. Naast de interne specialisten is er ook een nauwe samenwerking met externe partijen. Denk aan begeleiding vanuit jeugdhulp, jeugd-GGZ of gespecialiseerde ondersteuning zoals vanuit Visio bij visuele beperkingen. Als de zorgvraag van een leerling erg intensief is, kan de school in overleg met ouders vragen om (gedeeltelijke) inzet van een Persoonsgebonden Budget (PGB) op school. Denk aan een situatie waarbij vrijwel continu één-op-één begeleiding nodig is voor medische handelingen, verzorging of gedragsregulatie.
Grenzen aan ons onderwijs
Er zijn duidelijke grenzen aan wat de school kan bieden. De Maurice Maeterlinckschool is gericht op kinderen met een lichamelijke beperking, langdurige ziekte en/of verstandelijke beperking. Hoewel er bijkomend sprake kan zijn van gedragsproblemen of psychische problematiek, kunnen we geen langdurige één-op-één begeleiding op basis van gedrag bieden. Er is geen time-out ruimte of snoezelruimte beschikbaar. Per klas kunnen we maximaal twee persoonlijk begeleiders inzetten. Als de ondersteuningsbehoefte de draagkracht van de school structureel overstijgt, wordt in overleg met ouders en het samenwerkingsverband gezocht naar een meer passende onderwijsplek.